Voor
wie nog iets te knutselen wil hebben:
PAASKIPPETJE
Nodig:
Een
gewone envelop
Twee
wiebeloogjes
Lijm/tape,
gluedots, mesje/schaar, evt. inkt enz.
Dessinpapier:
Twee
stukjes van 8x9cm en eventueel een stukje van 8x2,5cm
Twee
halve cirkels van ongeveer 5 cm
Effen
papier:
Drie
halve ovalen van ongeveer 7cm (ovalen in de lengte doormidden geknipt)
Twee
cirkeltjes, iets groter dan de wiebeloogjes
Een oranje
of gele driehoek (vierkant van ongeveer
2,5cm diagonaal doormidden geknipt)
Twee
oranje of gele hartjes van ongeveer 3 cm
Twee
rode “uilenvleugels” (stans Marianne
design): een kleine en een grotere. Dit kun je ook vervangen door hartjes, kijk
even wat je zelf hebt.
11 Plak de envelop dicht en knip/snijd
hem af op 13cm. (1)
22 Ril aan de open kant op 1 en
2cm.
33 Ril de drie andere kanten elk
op 1,5cm. (2)
44 Vouw de rillijnen even extra
om.
55 Plak aan weerszijden de
stukjes van 8x9cm op het middenstuk (4)
66 Vouw de envelop in vorm en
plak de hoekjes vast. Plak eventueel het stukje dessinpapier van 8x2,5cm tegen
de bodem. (5, 6)
77 Plak de wiebeloogjes op de
rondjes. (7)
88 Vouw de driehoek dubbel en
plak het kleine uilenvleugeltje er als lellen tussen. (7)
99 Plak de halve ovalen in
waaiervorm op elkaar. Dit wordt de staart. (7)
110 Geef eventueel de halve
cirkels (vleugels) een kleurtje.
111 Plak de snavel links aan één
kant in de plooi van het zakje, iets onder de onderste vouw. (8)
112 Plak onderkant van de kam bovenaan
vast op de voorkant, overstekend als je de bovenkant omvouwt. Alleen aan de
voorkant lijmen want anders kun je het zakje niet meer dichtvouwen. Plak daar een
cirkeltje met oogje op. (8)
113 Plak de staart rechts aan één
kant in de plooi, net onder de onderste vouw.
114 Vul het zakje met paaseitjes
(er gingen er bij mij 12 in).
115 Plak het zakje dicht en plak
op de achterkant ook een oog en een vleugel.
116 Plak de (hartjes)voetjes er
onder.
Vrolijk
Pasen! (9)